Column
Het diploma van Jennifer

Jennifer is trots. Een halfjaar geleden heeft ze voor het eerst een diploma gehaald. Ze vertelt het grote nieuws meteen nadat ze koffie voor me heeft ingeschonken. Haar zoontje Tom van twee zit te spelen op de vloer. Naast hem ligt een puppy aan het gescheurde vinyl te knabbelen.

Als de 23-jarige Jennifer niet in de bijstand had gezeten, had ik haar niet leren kennen. Ik kwam met haar in contact via haar nichtje, die ik interviewde voor mijn boek over armoede in Nederland. Als ik nog meer problemen wilde zien, zo promootte het nichtje, dan was Jennifer een goeie: net uit de schuldsanering en nu alweer een trits deurwaarders op de stoep.

Jennifer blijkt een wonderlijk opgewekte meid, die haar koffiemokken een stuk beter schoonpoetst dan haar nichtje. Klaar om de complimenten in ontvangst te nemen, laat ze me haar diploma zien. Het is een certificaat van de budgetteringscursus die haar bijstandsconsulent haar verplicht had laten volgen, het bewijs dat ze op alle zes bijeenkomsten aanwezig is geweest.

De middagen in het wijkcentrum waren hartstikke leuk geweest. Er waren een paar meiden bij die ze nog van vroeger kende, er was ene Gülsen die iedere keer andere zelfgebakken koekjes meenam. En ze heeft er enorm veel aan gehad. Zo heeft ze nu eindelijk haar toeslagen op orde en heeft ze ontdekt wat voor nuttige informatie er allemaal op internet te vinden is. Voor Jennifer, die heel wat uren on line doorbrengt met spelletjes doen en muziek luisteren, was een wereld open gegaan.

De spannendste opdracht was om een officiële instantie op te bellen met een echte vraag en in de volgende les te vertellen hoe het was gegaan. Ze had het telefoontje uitgesteld tot de laatste dag, al haar moed verzameld, en toen naar het waterschap gebeld over een aanslag waar ze volgens haar kwijtschelding voor zou moeten krijgen maar waar ze toch weer een aanmaning voor had ontvangen. Ze was er niet veel mee opgeschoten. De vrouw aan de andere kant van de lijn wilde het aanslagnummer weten en dat had Jennifer niet bij de hand. Ze had nog niet opnieuw opgebeld - “Vanwege m’n beltegoed,” zegt ze – maar in de les had ze wel mooi een pluim gekregen voor haar initiatief, en er waren vier medecursisten die helemaal niet hadden gebeld.

Er zijn meer dingen die ze eigenlijk nog moet doen. Tijdens een van de lessen heeft ze een machtigingskaart ingevuld voor de woningbouwvereniging, zodat haar huur voortaan automatisch zou worden afgeschreven. Ze heeft hem nog niet opgestuurd. “Het is zo veel geld,” peinst ze. “Ik heb beloofd dat ik het zou doen, maar misschien is het beter van niet.” De cursus heeft haar ervan doordrongen hoe groot het beslag is dat haar vaste lasten op haar inkomen leggen. Bij het op een rij zetten van haar inkomsten en uitgaven had ze flink moeten slikken. Als die hap van de huur er de iedere eerste van de maand af zou gaan, bleef er geen ruimte meer over om te schuiven en te schipperen.

Op haar certificaat is ze echter apetrots. Ze bewaart hem in een eikenhouten kastje, bij haar tweede trofee: de map die ze aan het begin van cursus cadeau heeft gekregen. Ze haalt de ordner te voorschijn alsof het een oudheidkundige schat is. “Het is de bedoeling dat je hier al je papieren in bewaart.” En inderdaad: de papieren zitten keurig in de map. De map was meegegaan naar iedere les, waar ze ter plekke haar post moest bijhouden en alles netjes achter de tabbladen moest stoppen die ze met haar eigen, ronde handschrift heeft beschreven.

De papieren van het laatste halfjaar liggen bovenop het voorste tabblad. Op een stapeltje. Nog in de enveloppen. Ongeopend. Er zit ook correspondentie van het waterschap tussen, ik zie belastingdienstblauw, logo’s van incassobureaus. “Ik ga er nog mee aan de slag hoor,” leest ze mijn blik. “Ik vind het alleen een beetje eng om het in mijn eentje te doen.” Maar het waren zes ontzettend leuke lessen in het wijkcentrum. En Jennifer heeft haar eerste diploma.

Eerder verschenen in Binnenlands Bestuur - Sociaal; november 2011